Terug naar het overzicht

De Barok was de laatste algemene stroming in de kunst in Europa. Het wordt nu ingewikkelder.
Kunstenaars gaan zich vanaf 1800 steeds meer aan de regels onttrekken. Bovendien hebben stromingen meer lokale kenmerken.

In de eeuw die volgt wordt de hele kunstgeschiedenis in sneltreinvaart herhaald, maar dan anders. Een brave stroming maken ze nog saaier, een wilde nog wilder, een kromme nog krommer.
In de volgende pagina's maak je er kennis mee. De eerste helft van de 19de eeuw zijn er grofweg drie stromingen:

  • Het Neo-Classicisme ± 1770 -1830 - Reactie op de Rococo, onder invloed van de Verlichting: men wenst rust en overzichtelijkheid. Het gaat om verstand, rede, deugd, orde, hoge idealen voor de mensheid. Overal wordt over nagedacht.

  • De Romantiek ± 1800 - 1860 - Reactie op het Classicisme; tijd voor gevoel, emotie, fantasie, mystiek verlangen, religie. (Terug naar het hoofdmenu en Romantiek kiezen.)

  • Het Realisme ± 1840 - 1870 - Reactie op de Romantiek; het goede kijken wint, de gewone mens, de werkelijkheid, sociale bewogenheid. (Terug naar het hoofdmenu en Realisme kiezen.)
  • Baadster van Falconet

    Maar dan nu het Neo-Classicisme.

    Maatschappelijke context:

    - Industriele revolutie (vanuit Engeland 18e eeuw > rest Europa 19e eeuw)
    - Franse Revolutie: Democratie burgerij i.p.v. absolutisme
    - Rationalisme/ Verlichtingsdenken:
    - Natuurwetenschappen en filosofie werden weer populair
    - Belangstelling voor exacte kennis (1e encyclopedie)
    - Veel wetenschappelijk onderzoek
    - Breken met aristocratische en kerkelijke kunst (Barok en Rococo) > dit leidt tot het ontstaan moderne kunst in Europa

    Gevolgen voor de kunstenaar:

  • - Afschaffing gildewezen

  • - Grotere individuele vrijheid

  • - Nieuwe opdrachtgevers: Opkomende burgerij en Rijke industriëlen
  • In 1738 werden Herculaneum en Pompeď gevonden: dit geeft nieuwe belangstelling voor de ‘pure, harmonische oudheid’. 'Oud' wordt modern. Een soort Vintage-kunst!

    Verlichting Engeland begin 18e eeuw.
    Door allerlei ontwikkelingen in de wetenschappen komt de mens op een andere plek te staan (het menselijk verstand op de 1e plaats; de rede i.p.v. steeds gevoelsmatig te reageren).

    De Verlichting Frankrijk volgt later door de macht van de absolutistische koningen (de ‘Lodewijken’).
    - Er is steeds meer onvrede onder alle lagen van de bevolking.
    - De gegoede burgerij wil inspraak in de regering; wil een parlement.
    Ook na de Franse Revolutie duurt het nog jaren voor Frankrijk zo ver is als Engeland, maar dan geven de Fransen ook het verstand voorrang voor het gevoel.
    Ook Nederland komt onder Frans bewind...

    David, de dood van Marat Canova; Amor en Psyche Branderburger Tor, Berlijn.
    Jacques Louis David; de dood van Marat; 1793 Canova; Amor en Psyche De Brandenburger Tor (Poort) in Berlijn.

    In de kunst is het een dooie boel in deze periode. Dat krijg je natuurlijk als het gevoel geen rol van betekenis speelt.

    De academies leren hun leerlingen geweldig goed schilderen en beeldhouwen, dat wel. Maar er gebeurt niets binnen de maten van het doek of het beeld. De schilderijen zijn perfect geschilderd, maar te braaf. De beeldhouwwerken zijn knap gehakt maar erg saai, bloedeloos zelfs (Canova).
    Het komt vooral door een heftige reactie op de gekunsteldheid van de Rococo (de periode hier vlak voor) èn de belangstelling voor de Oudheid door opgravingen in Pompeï (rond 1750). Die opgravingen maken veel indruk en worden door velen ervaren als een tijdmachine. Daardoor komen de Romeinse keizers bij de machthebbers van dat moment in 'the picture' en Napoleon kroont zichzelf dan ook tot keizer in 1808.

    Je hebt dus 'de Klassieken' (Grieken en Romeinen), die dienen tijdens de Renaissance als grote inspiratiebron en voorbeeld. Dat is de eerste keer 'Classicisme', het geïnspireerd raken door de Klassieke kunst. Dan, rond 1770, komt het kijken naar de grote meesters voor de tweede keer in zwang, en noemen we het 't Neo-classicisme'.
    Prudhon, Staand naakt, 1790
    'Klassiek' wordt als esthetische norm aanvaard. Je herkent het klassicisme bijvoorbeeld aan:
    Schilderkunst in het Neo-Classicisme
    - Zeer doordachte, vaak statische compositie.
    - Gladde manier van schilderen, nergens een penseelstreek te zien.
    - Spot-achtige uitlichting van de afgebeelde scènes, alsof alles zich op een toneel afspeelt.
    - Helder kleurgebruik.
    - In decors, achtergronden en kleding veelvuldige verwijzing naar de Oude Romeinen.
    - Strakke lijnvoering waardoor de vormen sterk tegen elkaar afsteken.
    Beeldhouwkunst in het Neo-Classicisme:
    - Nadruk ligt op technische perfectie.
    - Statisch, één pose.
    - Bloedeloos / gevoelloos; veel techniek, weinig gevoel.
    - Voorkeur voor wit marmer dat glad is gepolijst.
    - Veel grafmonumenten: nieuwe houding t.o.v. de dood.
    - Eigentijdse voorstellingen een klassieke uitstraling geven.
    Toegepaste kunst: de Empirestijl -> Napoleon is er dol op en dus wordt het gemaakt.
    Het classicisme uit zich in de bouwkunst door gebouwen op tempels te laten lijken, al zie je wel dat het nep is. Zuilen van (witgemaakt) beton in plaats van marmer valt toch op. Maar op een afstandje is het helemaal top! De Brandenburger Tor staat immers niet bekend als 'betonnen kolos', maar als indrukwekend monument, geïnspireerd op de Klassieken (met een hoofdletter!)

    Antonio Canova, Pauline Borghese

     

    Antonio Canova hakt in opdracht van Napoleon een standbeeld van de zus van Napoleon als de godin Venus, compleet met appel. Of ze echt zo mooi was weten we natuurlijk niet; de fotografie was nog net niet uitgevonden....

     

     

     

    Terug naar het overzicht